Stichting Schildpad / Foundation Turtle Homepage

28

jun

2008

AFGEDANKTE ROODWANGSCHILDPADDEN KWIJNEN WEG

Met krachtige slagen zet de schildpad zich af om algauw op volle snelheid te komen. Behendig slalommend tussen de wirwar van waterplanten. Dankzij zijn gladde halfbolle schild glijdt hij als een duikboot moeiteloos door het troebele sop. Uit een ooghoek krijgt hij een salamander in het vizier, die niets vermoedend voortkrabbelt. 

Even lijkt het alsof hij het diertje zal negeren, maar op het laatste moment maakt-ie een haakse bocht en stort zich met een flitsaanval op zijn prooi. De sterke kaken grijpen het spartelende slachtoffer in een bankschroefklem en er is geen ontkomen aan. Met smakelijke happen werkt hij zijn lunch naar binnen. Sluit als verwende alleseter zijn maaltijd af met een paar happen vers groenvoer en dan is het siëstatijd. Rustig zwemt het dier naar de oppervlakte en zoekt zijn geliefde plekje op. Een schuin uit het water stekende tak. Behendig klimt hij omhoog om zich de volgende uren tevreden in de zon te koesteren.

Slotgracht

Hier in de slotgracht van kasteel Amerongen is de Roodwangschildpad in zijn element. Op een dag als vandaag doet zijn beperkte leefgebied zelfs enigszins denken aan de uitgestrekte moerassen van de Verenigde Staten en Mexico, waar hij oorspronkelijk vandaan komt. Het water is de laatste dagen lekker op temperatuur. Aan voedsel zoals kikkers, vissen, wormen en slakken geen gebrek. Ook volop waterplanten om zich aan te goed te doen. Dat het water behoorlijk troebel is, deert hem niet. Bij alle waterschildpadden bevindt zich in het netvlies een laagje vetbolletjes, waardoor ze ook in het halfdonker uitstekend kunnen zien.


Veilig

Veel belangrijker is dat hij in de veilige kasteelsingel niet bang hoeft te zijn voor natuurlijke vijanden. Hier geen alligators, sterke roofvissen of grote roofvogels. Hooguit een vissende reiger langs de kant, maar die bedenkt zich wel twee keer voordat hij zijn puntige snavel waagt aan het staalharde pantser van de schildpad.

Maar Roodwangschildpadden horen in onze natuur absoluut niet thuis. In de jaren zeventig en tachtig werden ze met honderdduizenden tegelijk geïmporteerd vanuit Amerika. De vijf centimeter grote groenachtige schildpadjes met achter de kraaloogjes een helrode vlek, deden menig kinderhartje smelten. Zo’n klein schattig waterschildpadje deed enigszins aan ET denken en vroeg als het ware om vertroeteld te worden. Dierenspeciaalzaken schakelden over van goudvissen op Roodwangschildpadden. Voor minder dan een paar tientjes (guldens toen nog) kocht je een schildpad compleet met behuizing. Die bestond veelal uit een ronde plastic bak met in het midden een klein eilandje met plastic palmboompje.


Blaadje sla

In het gunstigste geval kregen de diertjes bijgeleverd speciaal schildpaddenvoer te eten. Maar je zou de schildpadjes die het moesten stellen met een blaadje sla, niet graag de kost willen geven. Roodwangschildpadjes die op deze manier gehouden werden, leefden niet lang. Om het verdrietige kind te troosten werd snel een nieuw exemplaar gekocht.

Schildpadden die wel goed werden verzorgd, groeiden niet hard maar wel gestaag. Na een jaar paste het dier al niet meer in zijn kunstmatige tropisch ressort en was toe aan een echt aquarium. Dat was weinige gegund en massaal werden ze gedumpt in stadsgrachten en boerensloten. Gevolg is dat je ze vandaag de dag overal in de koude wateren van ons land tegenkomt. In bepaalde natuurgebieden leven er zoveel, dat ze een reële plaag vormen voor onze inheemse natuur. Boswachters zijn niet blij met deze faunavervalsing, maar de watervlugge dieren laten zich niet
gemakkelijk wegvangen.

Ondanks ons kille klimaat weten vele zich goed te handhaven. Exemplaren van twintig tot dertig centimeter groot zijn geen uitzondering. En de prehistorisch uitziende dieren kunnen erg oud worden. Dertig jaar is geen uitzondering en onder ideale omstandigheden kan een Roodwangschildpad wel de tachtigjarige leeftijd bereiken. Dat zullen gedumpte dieren bij ons niet gauw halen. Omdat de watertemperatuur de grootste tijd van het jaar onder de door de schildpadden geliefde twintig graden blijft, planten ze zich niet voort. Een winterslaap die de koudbloedige reptielen van nature houden, duurt bij ons in de Lage Landen dan ook wel heel erg lang.

Gevolg is dat de dieren interen op hun lichaamsreserve en langzaamaan wegkwijnen. Niet het grote pantser, maar hun lichaamsgewicht neemt steeds verder af. Voor in de Nederlandse natuur levende Roodwangschildpadden is een langzame dood de enige garantie. Natuurlijk heeft geen enkele schildpadeigenaar zich dit gerealiseerd.

Gelukkig mogen Roodwangschildpadden al meer dan tien jaar niet meer geïmporteerd of verhandeld worden. En hebt u nog een Roodwang waar u van af wilt, geef het dier dan een tweede kans in één van de schildpaddencentra in ons land.

Bron: Dagblad De Telegraaf / Hans Peeters

 

AANMELDEN



Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner